Zin in werk

(dit blog verscheen ook op Recruitment matters)

Ja, ik heb echt zin in werk. Toch heb ik niet het werk dat ik wil. Beter gezegd, niet voldoende werk. Ik solliciteer naar banen en acquireer naar opdrachten. Opdrachten lukken zo af en toe. Als professional in de arbeidsmarkt is dat feit extra confronterend omdat de materie waar ik mij mee bezig houd, werk is. Ik ben de musicus die langzaam doof wordt.

Er is deze maand een prachtig boek uitgekomen met de titel “Zin in werk” . Naast dit boekzin in werk is er een gelijknamige website waar straks steeds meer verhalen over zin in werk komen te staan. Een boek met prachtige verhalen en foto’s over mensen die passie hebben voor hun werk en, zoals de auteurs zelf schrijven, “portretten van mensen die in opperste concentratie aan de slag zijn – en daarbij worden opgetild, als een zeilboot in plané”. Maar het boek doet meer, het legt ook vast dat jouw identiteit voor een belangrijk deel wordt bepaald door wat je doet. Je bent je werk.

Toch is die identiteit die door je werk wordt bepaald niet in iedere cultuur hetzelfde en zeker ook niet in iedere tijd. De meest gestelde vraag die ik krijg tijdens de lezingen die ik geef over gebruik van social media is, “Hoe kan ik mijn privé identiteit en mijn zakelijke identiteit scheiden?”. Een vraag die duidt dat er twee verschillende identiteiten zijn. Een vraag die vóór de industriële revolutie niet bestond, wat je deed bepaalde ook wie je was. Na de industriële revolutie, toen men vaker op andere plaatsen werkte dan men leefde en het werk soms zo weinig onderscheidend was, werd deze vraag steeds relevanter. Bij de opkomst van internet, toen verschillende werelden virtueel bij elkaar kwamen, werd deze vraag steeds prangender. Toch zal datzelfde internet als gevolg van steeds meer transparantie ook wel een einde maken aan deze drang tot splitsen van identiteiten.

De cultuur waar je vandaan komt is ook erg bepalend voor wat de invloed is van je werk op je identiteit. De theorie van Geert Hofstede, beschreven in zijn boek “Allemaal andersdenkenden: omgaan met cultuurverschillen” gaat daar op in. Steelcase (een groot bedrijf op gebied van kantoorinrichting) past deze theorie toe en komt tot verschillende inrichtingen per organisatie en land. In hun laatste “360 magazine” wordt per land een andere inrichting van het kantoor gegeven die past bij de bestaande cultuur. Een mens is ook waar hij werkt en spiegelt zijn identiteit aan zijn omgeving. Ook in dit artikel blijkt dat werk in Nederland zeer belangrijk is maar bijvoorbeeld in Spanje een stuk minder. Daar bepalen wat je eet, wie je familie is, wie je kent, wat je gelooft, op wie je stemt, allemaal zeker net zo’n grote rol je identiteit als werk. Logisch dat je dan ook op je werk wat meer ruimte nodig hebt om dit soort zaken af te stemmen. In de verdieping van Trouw stond 20 juni een artikeltje over hoe bepalend werk voor je identiteit is en stelden zij de vraag of dit wel fair is voor de werkloze.

Of het fair is weet ik niet maar dat het pijn doet weet ik wel. Dat wordt helemaal versterkt door de sollicitaties die je doet en de recruiters waarmee je in aanraking komt. Op dit platform wordt wel vaker gesproken over wat werkzoekenden wel of niet moeten doen en tips worden graag gegeven. Zeker de rol van het UWV wordt besproken en bekritiseerd. Maar het besef als iemand serieus solliciteert en als logisch gevolg, zolang dit niet succesvol is hij even zo vaak wordt afgewezen, speelt meestal geen rol in de discussies. Iedere sollicitatie waar ik mij met heel mijn hebben en houwen ingooi, die niet succesvol is, leidt tot een afwijzing. Iemand (als hij of zij daar de moeite voor neemt) vertelt je wat er niet aan jou deugt.

De laatste keer deed het meest pijn. Een headhunter benaderde mij met een vacature waar mijn naam voor mijn gevoel met koeienletters op stond. Hij nodigde mij uit voor een gesprek (voor mij is dit een sollicitatie). Alles wat ik kan en gedaan heb kwam terug in de vacature. Social media, detachering van professionals, managed services, meer online, kortom, dat ben ik. Uiteindelijk, om het verhaal kort te houden, werd ik afgewezen door de headhunter. Zijn commentaar was dat ik het hem moeilijk had gemaakt. Op de harde criteria scoorde ik buitengewoon goed maar hij miste de passie. Klets, dat deed pijn, liever had ik gehad dat hij mij vol in het gezicht had gestompt. De mensen met wie ik heb samengewerkt weten dat het juist passie is die mij drijft, dat maakt mij wellicht niet altijd even zakelijk maar altijd passie. Als de passie weg was, dan functioneerde ik nooit naar behoren.

Was dat wat de headhunter zag? Dat mijn passie weg is? Al de afwijzingen, maken dié mijn identiteit? Net als daarvoor mijn werk daar zo’n belangrijke rol in speelde? Ik weet het niet. Wel weet ik dat de afwijzingen pijn doen. Wel weet ik dat ik wat ik doe met plezier en veel inzet doe, zélfs solliciteren. Tot slot : wel weet ik dat Ik zin heb in werk.

Deel en have fun
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Print
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • Hyves

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *